Leeuwenhoek as Wine Gauger

Leeuwenhoek was appointed wine gauger (wijneroeier) in 1679.

The undated document below is found in the Delft city archives with a related document dated 1699-12-12.

Omtrent 50 jaaren geleden is N. van der Sluijs aangestelt tot gemenelants wijnroeijer ende peijlder van de wijnen soo over de stad Delf als ter platte lande onder de verpagtige gelegen derselve wijnroeijer was gehouden alle de wijne die in de stad quamen, deselvige op te nemen, ende de hoe grootheijt van de vaaten, den pagter schriftelijk over te geven.

Voor welke dienst Hare Ed. Grootmogende Heeren Commissarissen indertijd op de verpagtinge zijnde een jaarlijkx tractement hebben toegeleijt van 600 gul.

Van der Sluijs overleden zijnde is Dirk Arritsz in desselfs ampt gevolgt.

In den jare 1670 is bij Hare Ed. Grootmogende Heeren ten dienste van de Lande verstaan, dat de wijne ten platte Lande soude gesepareert werden van de wijne over de stad, ende dat wijne over het platte land, soude verpagt werden onder de Bieren van de dorpen.

Als wanneer de pagters indertijd te kennen gegeven hebben, dat het noodig was dat een tweede peijlder van de wijen wierde aangestelt.

Als wanneer Antonij van Leeuwenhoek nevens Dirk Arritsz is aangestelt, mits dat den opnieuwe aangestelde soo de genoten 400 gul. waarvan de pagter ten plattelande soude betalen 1/3 in 1000 gl. sijnde f 333:132/3

Dirk Arritsz overlede zijnde is een ander Roeijer aangestelt die tegenwoordig is Pieter Polinkhoven, die van de peijlder ter plattelande trekt de hiervooren geseijde 1/3 in de somma van 1000 gl. en dus                    f 333:61/3

en geniet van de peijlder van wijnen over de stad                    f 166:32/3

comt voor het Tractement van Pieter Polkhoven                            f   500: - : - 

Anthonij van Leeuwenhoek geniet                                f   500: - : -

Sa        f 1000: - :

Soo dat sedert eenige maanden minder dan 30 jaren geen de minste verandering in de verhaalde tractementen is gemaakt als alleen dat daar den ousten 600 gl. plagt te hebben, beijde tractementen egaal sijn gestelt.